Gelezen sinds 1.1.06
La possibilité d'un île (Michel Houellebecq). De wereld beschouwd vanuit de vraag waar een man na zijn veertigste heen moet met zijn stijve lul, want na die leeftijd ben je bejaard en lelijk en heb je geen recht meer op seks. En een leven zonder seks is geen leven. Het zoeken naar een antwoord op die vraag leidt tot vermakelijke en soms inspirerende observaties over jeugd en seks als dominante waarden in de westerse wereld. De fixatie op jong zijn is de ontkenning van het einde. Hoe langer we jong blijven, hoe langer we kunnen geloven dat de dood niet zal komen. Wij streven naar een leven buiten de tijd, maar alleen in seks - en dan niet in het orgasme, maar in het neuken zelf - kunnen we even buiten de tijd leven. Daar is de mogelijkheid van een eiland in de tijd. Mooi schrijven kan hij niet.
Drie slechte schaatsers en Een goede dag voor de ezel (Tim Krabbé). Het eerste is een lief kort verhaal over schaatsen, gemiste liefde tussen en ex'en en hun zoon, en over de vragen wat geluk is en waar je geluk kunt vinden. Het tweede is typisch Krabbé: mooi gegeven, uitstekend plot (hij kan jaloersmakende plots bedenken), maar nogal oninteressant opgeschreven. Zijn ideeën zeggen me niet zoveel. En het is verbijsterend hoe iemand met zijn stijlgevoel zinnen kan schrijven als: "Hij had een moord gepleegd. Dat ging toch wel ver." Waar is de redacteur?
De buik van de filosoof (Michel Onfray). Een ontluisterende aaneenschakeling van gedachten die de heren filosofen in de loop der jaren over eten hebben gehad. Wat een culinaire en diëtetische ellende! Vreselijk. Onfray heeft het mooi bijeen gebracht en verteld, maar de vrolijke wetenschap waar hij het over heeft, heb ik niet kunnen ontdekken. Volgens mij veronderstelt hij een gevoel voor humor dat bij de heren ontbrak. Als ze niet gewoon liegen spreken ze een waarheid die je uit principe moet afwijzen. Mannen als Rousseau, Kant, Nietsche en Sartre moet je niet in je keuken tegenkomen, en als je ze daar tegenkomt moet je ze eruit slaan. Marinetti had nog wel gevoel voor humor, maar als je het leest bekruipt je het enge gevoel dat hij het niet voor de lol deed. Wie ooit 'weg met de pasta' als uitgangspunt heeft bedacht, die kun je nooit meer serieus nemen. Die heeft een fundamenteel verkeerd begrip van eten.
Balkan aan de Noordzee (Cees Banning en Petra de Koning). Over het ontstaan en de werking van het Joegoslavië Tribunaal. Een onthutsend beeld van incompetentie, conflicterende belangen, politieke beïnvloeding en de zwakte van het internationale recht. Niet erg best geschreven, maar wel erg interessant.
Invisible Monsters (Chuck Palahniuk). Transgender fotomodellen, mensen in totale verwarring over hun seks en hun identiteit op hol geslagen in een wereld zonder enig aanknopingspunt. Maf, doorgedraaid, over the top. Ik hou er wel van.
Reus (Annelies Verbeke). Leuk, af en toe geestig, boordevol onverwachte observaties en omschrijvingen, maar uiteindelijk een boek dat me niet raakt en een verhaal dat me niet interesseert. Een soort hardboiled stijl zonder plot. Veel stoere en soms aanstekelijk geschreven warrigheid over twee zussen die allerlei beslissingen nemen en keuzes maken waarvan de lezer alleen maar kan denken: Nou, dat zal dan wel.
Drie slechte schaatsers en Een goede dag voor de ezel (Tim Krabbé). Het eerste is een lief kort verhaal over schaatsen, gemiste liefde tussen en ex'en en hun zoon, en over de vragen wat geluk is en waar je geluk kunt vinden. Het tweede is typisch Krabbé: mooi gegeven, uitstekend plot (hij kan jaloersmakende plots bedenken), maar nogal oninteressant opgeschreven. Zijn ideeën zeggen me niet zoveel. En het is verbijsterend hoe iemand met zijn stijlgevoel zinnen kan schrijven als: "Hij had een moord gepleegd. Dat ging toch wel ver." Waar is de redacteur?
De buik van de filosoof (Michel Onfray). Een ontluisterende aaneenschakeling van gedachten die de heren filosofen in de loop der jaren over eten hebben gehad. Wat een culinaire en diëtetische ellende! Vreselijk. Onfray heeft het mooi bijeen gebracht en verteld, maar de vrolijke wetenschap waar hij het over heeft, heb ik niet kunnen ontdekken. Volgens mij veronderstelt hij een gevoel voor humor dat bij de heren ontbrak. Als ze niet gewoon liegen spreken ze een waarheid die je uit principe moet afwijzen. Mannen als Rousseau, Kant, Nietsche en Sartre moet je niet in je keuken tegenkomen, en als je ze daar tegenkomt moet je ze eruit slaan. Marinetti had nog wel gevoel voor humor, maar als je het leest bekruipt je het enge gevoel dat hij het niet voor de lol deed. Wie ooit 'weg met de pasta' als uitgangspunt heeft bedacht, die kun je nooit meer serieus nemen. Die heeft een fundamenteel verkeerd begrip van eten.
Balkan aan de Noordzee (Cees Banning en Petra de Koning). Over het ontstaan en de werking van het Joegoslavië Tribunaal. Een onthutsend beeld van incompetentie, conflicterende belangen, politieke beïnvloeding en de zwakte van het internationale recht. Niet erg best geschreven, maar wel erg interessant.
Invisible Monsters (Chuck Palahniuk). Transgender fotomodellen, mensen in totale verwarring over hun seks en hun identiteit op hol geslagen in een wereld zonder enig aanknopingspunt. Maf, doorgedraaid, over the top. Ik hou er wel van.
Reus (Annelies Verbeke). Leuk, af en toe geestig, boordevol onverwachte observaties en omschrijvingen, maar uiteindelijk een boek dat me niet raakt en een verhaal dat me niet interesseert. Een soort hardboiled stijl zonder plot. Veel stoere en soms aanstekelijk geschreven warrigheid over twee zussen die allerlei beslissingen nemen en keuzes maken waarvan de lezer alleen maar kan denken: Nou, dat zal dan wel.


0 Comments:
Post a Comment
<< Home