21.07.06
Even terug. Zondag, zat ik voor het eerst op de w.c., in het ziekenhuis, dat wel, met het infuus naast me aan zo'n verrijdbare kapstok. Niet noemenswaardig, zou je zeggen, en meestal is dat het ook niet. Maar juist omdat het zo gewoon is, was het zo opvallend. Ik zat op de w.c. en poepte. Alsof er niets was gebeurd. Zo voelde dat. Het gewoonste was er nog en dat gaf me een enorm vertrouwen. Daar, op de pot in Emmen, ontstond een compleet en volkomen moment, waar niets aan ontbrak en waar ook niets meer bij kon, niets meer bij hoefde. Het feit dat ik daar zat, drie dagen na de operatie, alleen, zonder hulp, dat ik moest poepen en dat ik KON poepen, was tegelijkertijd vervulling en verwezenlijking. Dat ene moment, of die tien of twintig momenten dat het duurde, was ik zo gelukkig dat al het andere erdoor naar de achtergrond verdween.
Heel mooi.
W.C.-zen.
Heel mooi.
W.C.-zen.


0 Comments:
Post a Comment
<< Home